Seksspeeltjes statistieken: hoe scoort Nederland internationaal?
We weten inmiddels dat 47% van de Nederlanders een seksspeeltje bezit. Maar is dat veel, vergeleken met de rest van de wereld? Lopen we voor, achter, of zit iedereen ongeveer op hetzelfde niveau?
Om dat te beantwoorden, leggen we de Nederlandse cijfers naast twee grote internationale onderzoeken: een Europese studie onder bijna 12.000 mensen in Scandinavië, Frankrijk en het VK, en een Canadese studie onder bijna 2.000 inwoners van Québec. Samen met de Nederlandse data gaat het om onderzoek onder meer dan 16.000 mensen.
Nederland als ijkpunt
Eerst de eigen cijfers nog even op een rij, uit de Nederlandse statistieken:
| Groep | Bezit een seksspeeltje |
|---|---|
| Alle Nederlanders (Nationale Seksenquête 2025, n=2.500) | 47% |
| Vrouwen 16-34 jaar (3FM/EenVandaag 2024, n=3.340) | 71% |
| Mannen 16-34 jaar (3FM/EenVandaag 2024, n=3.340) | 45% |
En op het gebied van tevredenheid: mensen met een seksspeeltje beoordelen hun seksleven significant hoger dan mensen zonder, blijkt uit de Nationale Seksenquête 2025.
Met die cijfers als ijkpunt kijken we nu verder dan onze landsgrenzen. Bezit is namelijk maar de helft van het verhaal. Minstens zo interessant is de vraag of dat bezit ook samenhangt met tevredenheid, en of dat patroon overal ter wereld hetzelfde is of juist per land verschilt.
Scandinavië, Frankrijk en het VK: bijna 12.000 Europeanen ondervraagd
De grootste studie in dit vergelijk komt uit Denemarken. Onderzoekers ondervroegen bijna 12.000 mensen in zes Europese landen: Denemarken, Noorwegen, Zweden, Finland, Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk.
De belangrijkste bevindingen:
| Bevinding | Uitkomst |
|---|---|
| Bezit (ooit gehad of nu) | Meer dan de helft van de respondenten |
| Verband met seksuele en levenstevredenheid | Significant hoger bij bezit/gebruik |
| Effect van gebruik met partner op relatietevredenheid | Medium effect |
| Effect van frequentie van solo-gebruik op relatietevredenheid | Geen significant effect |
Opvallend: het gaat niet zozeer om hoe vaak iemand een seksspeeltje gebruikt, maar vooral om met wie. Vaker samen gebruiken hangt samen met een tevredener relatie. Solo-gebruik alleen liet dat verband niet zien.
Meer dan de helft bezit dus een seksspeeltje in deze zes landen, wat aardig in lijn ligt met de 47% die we in Nederland zien, misschien zelfs iets hoger.
Wat deze studie extra waardevol maakt, is de omvang. Met bijna 12.000 respondenten uit zes landen is dit een van de grootste onderzoeken naar seksspeeltje-gebruik ooit uitgevoerd. Dat maakt de conclusie dat bezit samenhangt met hogere tevredenheid steviger dan bij kleinere, lokale enquêtes zoals de Nederlandse. Tegelijkertijd blijft het een vragenlijststudie: de onderzoekers meten een verband, geen bewijs dat een seksspeeltje de tevredenheid veroorzaakt.
Canada: bijna 2.000 mensen in Québec ondervraagd
De derde studie komt uit Canada. Onderzoekers in Québec ondervroegen een communitysteekproef van bijna 2.000 mensen over hun seksspeeltje-gebruik, gekoppeld aan twee psychologische maten: seksuele tevredenheid en erotophobia (seksuele schaamte of ongemak rond seksualiteit).
Het patroon:
- Gebruikers (solo én met partner) rapporteerden hogere seksuele tevredenheid dan niet-gebruikers
- Gebruikers rapporteerden ook lagere erotophobia, ongeacht geslacht, leeftijd of seksuele oriëntatie
- Vrouwen, jongere volwassenen en LGBTQ+ personen rapporteerden de hoogste gebruikspercentages
Deze studie rapporteert geen totaalpercentage bezit voor heel Canada, dus die kolom laten we hieronder open. Wat wel duidelijk wordt: ook hier hangt gebruik samen met minder schaamte en meer tevredenheid, precies het patroon dat we ook in Europa en Nederland zien.
Interessant is ook dat het patroon in Québec gold voor alle groepen: geslacht, leeftijd en seksuele oriëntatie maakten geen verschil in de richting van het verband. Alleen de gebruikspercentages zelf verschilden per groep. Dat suggereert dat het effect van seksspeeltje-gebruik op tevredenheid en schaamte breed gedragen wordt, en niet beperkt is tot een specifieke doelgroep.
Nederland versus de rest van de wereld
| Land/regio | Steekproef | Bezit | Kernbevinding |
|---|---|---|---|
| Nederland | n=2.500 | 47% | Hogere waardering seksleven bij bezit |
| Denemarken, Noorwegen, Zweden, Finland, Frankrijk, VK | n=11.944 | 50%+ | Bezit/gebruik hangt samen met hogere seksuele en levenstevredenheid |
| Canada (Québec) | n=1.959 | Niet gerapporteerd | Gebruikers rapporteren hogere tevredenheid, lagere schaamte |
Drie verschillende landen, drie verschillende onderzoeksopzetten, en toch tekent zich hetzelfde beeld af: waar mensen zijn ondervraagd, hangt seksspeeltje-bezit of -gebruik samen met meer tevredenheid. Nederland wijkt daar niet vanaf.
Waarom lijkt het patroon zo universeel?
Je zou verwachten dat cultuurverschillen tussen Nederland, Scandinavië, Frankrijk, het VK en Canada tot heel verschillende uitkomsten leiden. Toch is dat niet wat deze drie onderzoeken laten zien. Overal waar onderzoekers het hebben gemeten, komt hetzelfde verband terug: bezit of gebruik hangt samen met meer tevredenheid en, in het geval van Québec, met minder schaamte.
Een mogelijke verklaring, die de Deense onderzoekers zelf aandragen bij hun bevinding over partnergebruik: het gaat wellicht niet om het product zelf, maar om wat het gebruik ervan zegt over een relatie of over iemands houding ten opzichte van seksualiteit. Openheid, experimenteerlust en communicatie zijn geen Nederlandse, Scandinavische of Canadese eigenschappen, het zijn menselijke eigenschappen. Dat zou kunnen verklaren waarom het patroon landsgrenzen overstijgt.
Wat deze cijfers niet zeggen
Voor de duidelijkheid: dit zijn allemaal vragenlijststudies. Ze laten verbanden zien, geen bewezen oorzaak-gevolg. Dat mensen met een seksspeeltje tevredener zijn, kan ook komen doordat tevredener mensen sowieso eerder een seksspeeltje aanschaffen.
Een paar andere kanttekeningen:
- Definities verschillen. Wat de ene enquête als “bezit” telt (ooit gehad) is niet altijd hetzelfde als wat een andere enquête meet (nu in bezit). Percentages zijn daardoor niet één-op-één vergelijkbaar.
- Steekproeven zijn niet altijd representatief. De Québec-studie gebruikte een communitysteekproef, geen aselecte steekproef van de hele Canadese bevolking. Datzelfde geldt voor delen van de Nederlandse data.
- Zelfrapportage. Alle cijfers komen uit wat mensen zelf invullen, niet uit geobserveerd gedrag.
Wil je de volledige wetenschappelijke onderbouwing achter deze twee internationale studies zien, inclusief hoe ze zich verhouden tot een derde studie uit Italië? Lees dan wat onderzoek zegt over seksspeeltjes en relaties.
Bronnen en methodologie
| Onderzoek | Jaar | Steekproef | Bron |
|---|---|---|---|
| Nationale Seksenquête | 2025 | n=2.500 | Nederland |
| 3FM/EenVandaag | 2024 | n=3.340 | Nederland, 16-34 jaar |
| Hald et al., “Do Sex Toys Make Me Satisfied?” | 2024 | n=11.944 | Journal of Sex Research, PMID: 38294998 |
| Williams et al., “Sex Toy Use in Québec (Canada)” | 2025 | n=1.959 | Journal of Sex & Marital Therapy, PMID: 39970469 |
Kanttekeningen bij de methodologie:
- Alle onderzoeken zijn vragenlijststudies met zelfrapportage
- Steekproeven zijn niet in alle gevallen aselect getrokken uit de hele bevolking
- Percentages tussen landen zijn indicatief, niet exact vergelijkbaar door verschillende vraagstellingen
Gerelateerde artikelen
- Seksspeeltjes in Nederland: alle cijfers op een rij
- Wat zegt onderzoek écht over seksspeeltjes?
- Seksspeeltjes en relaties: wat zegt de wetenschap?
Dit artikel is een samenvatting van onderzoek en geen medisch advies. Heb je vragen over je seksuele gezondheid? Raadpleeg een professional.


